Roberto kijkt alvast vooruit naar Supercar Madness
Roberto van de autoredactie van De Couturekrant heeft het programma van Supercar Madness op Circuit Zandvoort alvast bekeken en trekt zijn wenkbrauw een fractie op.
“Het zal me benieuwen,” zegt hij. “Meer dan 400 auto’s, dat klinkt indrukwekkend, maar het hangt er altijd vanaf wat er écht komt opdagen.”
Hij kent het wereldje.
Supercars, hypercars ... Het wordt allemaal door elkaar gebruikt.
“De ene Ferrari is de andere niet,” merkt hij droog op.
Toch gaat hij kijken.
“Dragraces zijn leuk voor het publiek,” zegt hij, “maar na drie keer weet je het ook wel. Het gaat mij meer om wat er in de paddock staat. Dáár zie je vaak de interessantste dingen.”
Wat hem opvalt, is dat het evenement steeds groter wordt.
Meer publiek, meer online aandacht, meer vertoon.
“Het is tegenwoordig ook een beetje zien en gezien worden,” zegt hij. “Niks mis mee, maar laten we het wel gewoon over auto’s blijven hebben.”
Over de praktische kant is hij minder mild.
“Het is tegenwoordig al stevig aan de pomp,” zegt hij. “En dan heb je het nog niet eens over onderhoud.”
Hij kijkt ook met een schuin oog naar de toekomst.
“Ze kunnen wel met al die mooie modellen komen,” zegt hij, “maar als je straks nergens fatsoenlijk kunt laden, houdt het snel op. Er wordt van alles beloofd, maar in de praktijk valt het nog wel eens tegen.”
Toch klinkt er ook waardering door.
“Er zitten ongetwijfeld prachtige auto’s tussen,” geeft hij toe. “Dat blijft bijzonder om te zien. Zeker als er iets zeldzaams tussen staat.”
En dus staat hij zondag gewoon langs de baan.
“Je moet het toch even gezien hebben,” zegt Roberto. “Al is het maar om te weten waar iedereen het over hééft.”









