Politieke onrust kost Europa miljarden;Nederland blijft buiten schot
DOOR: ELIAN BRON / 31 juli 2026 - 'S-HERTOGENBOSCH – ALLIANZ TRADE BENELUX - Politieke onrust jaagt de kosten voor Europese overheden op. Volgens kredietverzekeraar Allianz Trade hebben politieke spanningen sinds 2022 geleid tot bijna 100 miljard euro aan extra rentelasten op staatsleningen.
Nederland vormt daarbij een opvallende uitzondering.
Volgens Johan Geeroms, Director Risk Underwriting bij Allianz Trade Benelux, heeft politieke instabiliteit inmiddels een directe invloed op de economie.
"Politieke instabiliteit is niet langer alleen een onderwerp voor talkshows, maar een concrete kostenpost op de begroting. Dat geld kan daardoor niet worden besteed aan zorg, onderwijs of andere belangrijke voorzieningen."
Allianz Trade baseert zich op de eigen Political Fragility Index (PFI). Die kijkt onder meer naar de versnippering van het politieke landschap, de afnemende steun voor traditionele partijen, de opkomst van radicale stromingen en de bestuurbaarheid van landen.
Volgens Geeroms reageren financiële markten snel op politieke spanningen. Naarmate onzekerheid langer aanhoudt, lopen ook de rentelasten verder op.
Uit het onderzoek blijkt dat Italië, Frankrijk, Spanje, België en het Verenigd Koninkrijk samen ongeveer 98 miljard euro extra hebben betaald.
Vooral Italië en het Verenigd Koninkrijk werden zwaar getroffen. Voor beide landen lopen de extra kosten op tot ongeveer 41 miljard euro.
Nederland neemt in het onderzoek een bijzondere positie in. Hoewel het politieke landschap sterk is versnipperd, blijven beleggers vertrouwen houden in de Nederlandse economie.
"Beleggers zien Nederland nog altijd als een veilige haven", zegt Geeroms. "Het Nederlandse overlegmodel zorgt ervoor dat grote beleidsveranderingen minder snel plaatsvinden."
Volgens hem is die positie echter niet vanzelfsprekend. Wanneer de politieke verdeeldheid verder toeneemt, zou ook Nederland uiteindelijk met hogere rentelasten te maken kunnen krijgen.
Naast Nederland worden ook Duitsland en Oostenrijk in het rapport genoemd als relatief stabiele landen.
.









